Stel, je wint Heel Holland Bakt

Stel Magazine

Een interview voor Stel, Magazine #1

Stel, je bent wat je eet..

Dan is Anna Yilmaz een bord vol pure, krachtige smaken. Verfrissende, goudeerlijke gerechten, zonder poespas. Met de culinaire smaakbeleving van de Turkse keuken en hier en daar een hint naar haar Nederlandse komaf. “Maar geen broodje bal,” lacht de 29-jarige winnares van Heel Holland Bakt 2019/2018, “want dat vind ik vies.”

“Mijn recepten zijn een afspiegeling van wie ik ben,” vertelt ze. “Ik ga ermee voorbij de gebaande paden. Je kunt mij niet in een hokje plaatsen. Ik ben half Turks, half Nederlands. Ik ben een vrouw en ik werk bij Defensie. Ik ben christelijk, maar mijn vriend is niet gelovig.”

“Mensen denken te graag in hokjes,” vervolgt ze. “Zo denken de meeste Nederlanders dat vrouwen bij Defensie met een kort kapsel door het leven gaan en op vrouwen vallen. Maar ik ben een heel gewoon meisje. Ik wil die stereotypen doorbreken.” Dat lukt aardig, lijkt het: “Tegenwoordig krijg ik berichtjes van vrouwen en meisjes die óók bij de marine willen. Ik heb zelf geen voorloper gehad en om een voorbeeld te zijn, dat is toch wel heel bijzonder.”

Haar kleurrijke karakter, veelzijdige achtergrond en brede interesses maken dat Anna stigma’s overstijgt. Dat kan tegelijkertijd ook een beetje alleen voelen: “Je moet je continu verdedigen. Voor alles. Dat heb ik wel ervaren alsof ik nergens écht bij hoor,” zegt ze. “Dat is niet zo, maar ik voel me wél aangesproken als Nederlandse mensen Turken beledigen. En ik draag, bijvoorbeeld, mijn Turkse achternaam op mijn uniform. Aan de start van mijn opleiding kreeg direct een blik halal in mijn handen gedrukt.”

“Die Anna is goed geïntegreerd,’ twitterde laatst iemand. Terwijl ik gewoon in Nederland geboren ben. Die heeft dan waarschijnlijk mijn zusje op televisie gezien. Wij zijn christelijk opgevoed. Mijn moeder komt uit een christelijk nest, mijn vader was niet-praktiserend moslim. Mijn zusje is moslima geworden, draagt nu een hoofddoek en mensen vinden daar iets van. Terwijl wij als familie prima onder één dak kunnen leven. Daar kunnen veel mensen vaak best iets van leren. Oordeel niet, denk eens iets verder dan je eigen wereld en ga het gesprek aan.”

Ook met haar bakboek hoopt ze mensen uit te nodigen om verder te kijken: “De Turkse keuken is zoveel meer dan Turkse pizza. Als ik in Turkije ben, eet ik het liefst elke dag baklava. Durf gewoon eens een Turkse winkel binnen te gaan. Ga die drempel over en maak wat lekkers. Dat is toch leuk?! Ik waan me daar echt even in Turkije.”

Waar ze als klein meisje van haar Brabantse oma boontjes leert doppen en inmaken, staat ze met haar tante in Instanbul gerust de hele dag in de keuken om de lekkerste dingen te maken. “Onwijs trots” is ze op haar Turkse roots: “Zij ook op mij. Mijn Turkse familie heeft alle afleveringen gezien, ook al snappen ze niets van de taal.”

Hoe ze terugkijkt op die periode? “In een jaar tijd verandert je hele leven,” zegt ze. “Maar je weet ook niet meer hoe het daarvoor was. In één keer word je gezien als een BN’er en sta je in de media. Alles wat je zegt, belandt onder een vergrootglas. Ik heb wel eens gedacht: waar ben ik aan begonnen. Het is heftig.”

“Ook omdat het best wat energie kost om zolang je mond te houden,” vervolgt ze. “Zaterdag won ik Heel Holland Bakt en die maandag moest ik gelijk weer aan het werk. Maar je mag niets zeggen. Vervolgens wordt het uitgezonden op televisie en heeft iedereen een mening. Negen van de tien was gelukkig wel positief. Op social media ben je zó gevonden en wanneer je niet snel genoeg reageert, sturen sommigen er gerust nog een berichtje overheen. Mensen denken dat je continu aan staat. Je wordt echt geleefd.”

“Maar of je nu gelovig bent of niet: een mens is er niet voor gemaakt om alleen maar aan te staan,” besluit ze. “Het is niet voor niets zes dagen werken en de zevende dag rust. Soms denk ik wel eens: ik wil weer lekker varen. Aan boord heb je veel structuur. Dat vind ik prettig. Qua natuur sta je heel dichtbij God. Je ziet de mooiste zonsopgangen en -ondergangen. Als je dan af en toe een dolfijn of schildpad ziet, kan ik daar écht van genieten.”

Anderzijds kan ze door het leven aan wal nu meer plannen. “Je weet waar je aan toe bent. Dat vind ik fijn.” Rustig vaarwater zit er voorlopig sowieso niet in: “Ik droom van mijn eigen horeca-onderneming en wil iets neerzetten wat Amersfoort nog niet heeft. Het plan zit al in mijn hoofd, ik ben een opleiding gestart en nu nog een pand vinden.”

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *